Hieronder extra foto's van de organisatie van de wandeltocht.
Op deze (wandel)blog plaats ik berichten over mijn wandeltochten en een aantal bijkomstige zaken.
zondag 5 januari 2025
zaterdag 14 oktober 2023
zondag 24 september 2023
dinsdag 16 mei 2023
woensdag 5 april 2023
zaterdag 25 maart 2023
Meerle
Geboorteplaats van Jan Couters (+/- 1630/1640 Mijn stamgrootvader)
Woondorp met sterk agrarisch karakter. Hoofdzakelijk land- en tuinbouwgebied gekenmerkt door weilanden, akkerland en een toenemende serrebouw afwisselend met uitgestrekte boszones. Het grondgebied vertoont een vrij vlak reliëf, in het oosten gevormd door lage landduinen, elders door kleine beekinsnijdingen. De voornaamste rivier is de Mark die komende van Meer via Meersel-Dreef naar het noorden loopt, richting Nederland. De Gouwbergse loop, de Heerlese loop en de Leiloop vormen de belangrijkste beken die alle ter hoogte van Meersel-Dreef de Mark bereiken; eerst genoemde vormt gedeeltelijk de grens met Nederland. Sinds de rechttrekking van de Mark in 1977 vormen antropogeen afgesneden meanders met hun waardevolle landschapselementen nog de enige relicten van de oude bedding onder meer op het gehucht Groot-Eyssel bevindt zich tussen een oude meander en de huidige rivierbedding nog een natuurreservaat van circa 10 hectare.
Van zuid naar noord wordt de gemeente doorsneden door de hoofdas Voort-Meerledorp-Strijbeekseweg; deze maakt deel uit van de verbindingsweg Hoogstraten-Breda; andere wegen die Meerle doorkruisen vormen verbindingen met de buurdorpen, onder meer de Chaamseweg, de Ulicotenseweg, Groot Eyssel,... Te Meersel-Dreef wordt het stratennet gekenmerkt door de twee, quasi rechtlijnige en evenwijdige tracés van de Dreef en de baan Meersel-Heieinde.
De huidige Meerlese landbouw bestaat voornamelijk uit vee- en varkensteelt: Oosteneinde en Groot-Eyssel vormen nog echte landbouwgehuchten. De bouw in 1955 van het Proefbedrijf der Noorderkempen op de Voort, waar nieuwe tuin- en landbouwculturen worden beproefd en gepropageerd, betekende een extra stimulans voor de plaatselijke tuinbouw.
Ondanks dit behouden plattelandskarakter neemt de laatste jaren het residentieel wonen in Meerle gestadig toe: het merendeel van de bevolking is niet meer actief in de landbouw maar verkiest het dorp als een aangename, "groene" verblijfplaats. Destijds beschikte Meerle over enkele traditionele nijverheden zoals brouwerijen, melkerij, enzomeer; heden is er nog nauwelijks sprake van enige industrie. Voor het werk wordt er gependeld naar naburige steden of industriezones.
De naam "Meerle" duikt voor het eerst op in oorkonden van 1261. Als afleiding van de Germaanse woorden "mari", meer of plas, en "lauha", bosje op hoge zandgrond, wijst de naam Meerle evenals de buurgemeenten op een bosrijke, moerassige streek.
Meerle komt ter sprake in de discussie omtrent het al dan niet bestaan van de Romeinse weg Namen-Tienen-Utrecht die het land van Hoogstraten zou hebben doorkruist: bepaalde auteurs beweren dat het traject tussen Hoogstraten en Breda via Meerle verliep. Een echt afdoend bewijs werd hiervoor tot nogtoe niet geleverd.
In de ontstaansgeschiedenis van Meerle heeft de benedictinessenabdij van Thorn, heden Nederlands Limburg, een belangrijke rol gespeeld; deze abdij werd gesticht op einde 10de eeuw door Ansfried, graaf van Strijen en van 995 tot 1010 bisschop van Utrecht, waarbij hij de nieuwe instelling aan het dorp Baarle schonk. Als groeiende dorpsgemeenschap was Baarle genoodzaakt andere ontginningsplaatsen te zoeken in de regio; deze nieuwe centra van landbouw en veeteelt groeiden uit tot een gehucht of dochternederzetting van Baarle en behoorden tevens tot de eigendommen van de Thornse abdij. De abdij bezat enkel tienden en patronaatsrechten, maar kon niet de rechtsmacht uitoefenen verbonden aan het bezit van goederen. Hiervoor moest zij beroep doen op de heren van Breda. Dit geslacht trad op als "voogd" over de Baarlese bezittingen van de Thornse abdij en had aldus het wereldlijk bestuur van deze gebieden in handen. Ook in Meerle vond deze evolutie plaats: als Thorns goed werd Meerle opgenomen in het land van Breda. In het vierde kwart van de 12de eeuw - eerste helft van de 13de eeuw slaagde de hertog van Brabant erin de machtspositie van de heren van Breda aanzienlijk te beperken. In de 14de eeuw moesten de heren van Breda hun gebieden geleidelijk afstaan aan de heer van Hoogstraten, leenman van de hertog van Brabant. Vóór 1338 was Jan I van Kuik (1303-1357) er in geslaagd Meer en Minderhout in te lijven. Betreffende de opname van Meerle in het Land van Hoogstraten trekt G. Muësen op basis van de eerste Brabantse leenboeken volgende conclusie: tot na 1312 bleef Meerle een deel van het Land van Breda; vóór 1349 echter, en waarschijnlijk zelfs vóór 1333, is het dorp deel gaan uitmaken van het Land van Hoogstraten en stond onder de macht van de opeenvolgende heren, graven en hertogen van Hoogstraten,
Nadat het Frans bewind komaf had gemaakt met de structuren en instellingen van het Ancien Régime verliep de bestuurlijke geschiedenis van Meerle gelijklopend met die van de andere deelgemeenten.
De buitenbank van het Land van Hoogstraten waarin schepenen zetelden van Meerle, Meer en Minderhout vonniste volgens de "costuymen" (lokale gewoonterecht) van de hoofdbank van Zandhoven.
De groeiende drang naar meer zelfstandigheid ten opzichte van het moederdorp Baarle uitte zich voornamelijk in het streven naar een eigen kerk. De moederparochie liet, evenals in andere nieuwe dorpen in de 12de-13de eeuw, te Meerle een "appenditium" of bijkerk oprichten. In de oudste gekende oorkonde over Meerle van 11/6/1261 schonk de abdis van Thorn, Hildegondis, haar patronaatsrechten over de kerken van Baarle, Gilze en Geertruidenberg aan de abdij en verzocht daarbij de bijkerken tot kerken van tweede rang te verheffen. Dit alles wijst erop dat er in Meerle al vóór de 13de eeuw een leefgemeenschap bestond, vermoedelijk in de buurt van de huidige kerk. Bij rioleringswerken in 1979 werd immers een houten put gevonden die na onderzoekingen als twaalfde-eeuws kan gedateerd worden. Pas tussen 1369 en 1400 is de Meerlese Sint-Salvatorparochie volledig onafhankelijk geworden van Baarle. Op wereldlijk vlak had Meerle zich al vroeger van Baarle losgemaakt. Tot 1796 bleef de parochie in handen van de machtige abdij van Thorn. Tot 1559 ressorteerde Meerle onder het bisdom Luik, vanaf 1559 onder het bisdom Antwerpen, sedert 1802 onder Mechelen en vanaf 1962 terug onder Antwerpen.
Naast het eigenlijke dorpscentrum telt Meerle verschillende oude gehuchten: Klein-Eyssel en Groot-Eyssel in het westen; de Elsakker, Oosteneinde en Lembeek in het oosten; de Lage en Hoge Rooy, Voort en Heerle in het zuiden en Strijbeek en Meersel-Dreef in het noorden. De meeste van deze gehuchten maakten reeds deel uit van het middeleeuwse Meerle: zo worden ze onder meer vernoemd in een afschrift uit 1619 van een oorkonde die zou dateren uit 1256.
zondag 4 december 2022
Herinneringen aan de Bloesemtocht Geldermalsen Deel 3
Op 23 november 2022 kwam het bericht dat de Rode Kruis Bloesemtocht gaat verdwijnen. Heel jammer natuurlijk. Daarom hieronder een aantal foto's.
2015
Herinneringen aan de Bloesemtocht Geldermalsen Deel 2
Op 23 november 2022 kwam het bericht dat de Rode Kruis Bloesemtocht gaat verdwijnen. Heel jammer natuurlijk. Daarom hieronder een aantal foto's.
2008
Herinneringen aan de Bloesemtocht Geldermalsen Deel 1
Op 23 november 2022 kwam het bericht dat de Rode Kruis Bloesemtocht gaat verdwijnen. Heel jammer natuurlijk. Daarom hieronder een aantal foto's.
2002
woensdag 23 november 2022
Bloesemtocht stopt
Bericht van het bestuur van de Bloesemtocht (HEEL JAMMER)
𝗥𝗢𝗗𝗘 𝗞𝗥𝗨𝗜𝗦 𝗕𝗟𝗢𝗘𝗦𝗘𝗠𝗧𝗢𝗖𝗛𝗧 𝗦𝗧𝗢𝗣𝗧 😥 Op 21 november 2022 heeft het bestuur van de Stichting Nationale Rode Kruis Bloesemtocht unaniem het treurige besluit genomen om te stoppen met het organiseren van de Nationale Rode Kruis Bloesemtocht en dientengevolge over te gaan tot ontbinding van de Stichting.
De doelstelling van de Stichting, geld ophalen voor het Nederlandse Rode Kruis middels het organiseren van een wandelevenement door vrijwilligers, is gezien de omstandigheden niet meer te realiseren.
Er is een combinatie aan factoren dat hieraan ten grondslag ligt; dit is als volgt samen te vatten:
1. De start-finishlocatie is komen te vervallen. Het bestuur heeft hiervoor in de omgeving geen duurzaam en veilig alternatief kunnen vinden. Ditzelfde geldt voor de beschikbaarheid van parkeerweilanden.
2. Er is een trend van toenemende veiligheids- en duurzaamheidseisen en verzwaring van procedures. Het aanvragen van vergunningen voor een evenement van deze omvang wordt steeds complexer en de inzet van professionals is hierbij een vereiste. Dit strookt niet met de cultuur van onze organisatie die door vrijwilligers gedragen wordt.
3. De kosten voor het organiseren van het evenement stijgen sterk. Hierdoor wordt het financiële risico dermate groot dat het niet waarschijnlijk is dat de stichting daadwerkelijk een substantiële netto bijdrage voor het goede doel kan realiseren.
zondag 14 augustus 2022
Dodentocht Bornem past afstand aan n.a.v. hittegolf
Dit jaar is ook de Dodentocht in Bornem van 100 km aangepast naar 65 kilometer i.v.m. de hittegolf. Men vond het onverantwoord om op vrijdag 12 augustus 21.00u te starten en de volledige afstand af te laten leggen. Om 13.00u werd de finish (na 65 kilometer) bereikt zodat de wandelaars in de koelste periode konden wandelen. Alhoewel koel, het was nog wel best warm.
zaterdag 26 oktober 2019
dinsdag 9 juli 2019
vrijdag 22 september 2017
dinsdag 27 juni 2017
maandag 26 juni 2017
Sponsor Wandeltocht natuurgebied Visdonk
Meer informatie over de stichting vindt u door te klikken op onderstaande poster ...
... de website
... of de faceboekpagina
donderdag 22 juni 2017
Start nachtmars 2012
Maar eerst werden nog een aantal Lange afstandlopers in het zonnetje gezet, die al meerdere Lange afstanden (>105 km) hadden gewandeld.
Net voor 4 uur stond iedereen al klaar.



















































